Wilders

Het is wetenschappelijk bewezen. Het hormoon oxytocine is verantwoordelijk voor agressie jegens andere groepen. Hoogleraar psychologie Carsten de Dreu van de Universiteit van Amsterdam experimenteerde met het toedienen van oxytocine en ontdekte dat de proefpersonen die oxytocine toegediend hadden gekregen significant agressiever optraden tegenover mensen van andere groepen dan de eigen groep.

Evolutionair is dit volgens hem ook wel te verklaren. De mens leefde in groepen en om te gedijen dien je samen te werken, dat heeft alles te maken met het knuffelhormoon oxytocine, dat wisten we al. De keerzijde zo blijkt nu, is dat het hormoon de mens ook agressiever maakt tegenover andere groepen. Het gaat weliswaar om verdedigende agressie, maar toch.

Nu we dit weten kunnen we het succes van Wilders beter begrijpen. De anderhalf miljoen mensen die op Wilders hebben gestemd hebben blijkbaar een wij-gevoel. Het gedijen van de eigen groep wordt in hun ogen bedreigd door een andere groep en daarom stemden ze agressief, maar verdedigend agressief.

Nu we dit weten kunnen we het succes van Wilders ook niet langer veroordelen als een beschavingsval. De mens zit nu eenmaal zo in elkaar. En de mensen die niet op Wilders hebben gestemd zijn eigenlijk vreemder want blijkbaar ervaren zij geen wij-gevoel, anders hadden ze wegens de rol van oxytocine wel op Wilders gestemd.

In een beschaafd land zijn de mensen ontwikkeld. Dankzij de hoog ontwikkelde wetenschap kennen zij hun eigen natuur en weten ze dat niets vreemd is, laat staan te veroordelen is. Wat de wetenschap verkondigt is waar en daar heeft de mens zich bij neer te leggen. Of was beschaving juist het overwinnen van onze natuur?

Om de eigen natuur te overwinnen hebben we een ideaal nodig om onszelf naar te boetseren. Maar ja “voor die maakbaarheidsgedachte vind je geen steun in hersenonderzoek” volgens hoogleraar neurobiologie Dick Swaab. Dus Wilders mag!