Arbeidgever

Mannen doen nog steeds te weinig in het huishouden, files kosten nog steeds miljoenen per jaar en bijen sterven nog steeds sneller dan zou moeten. Er is genoeg om je druk over te maken. Nog een voorbeeld is de druktemakerij rondom het gebruik van hij in plaats van zij. Het zijn maar woorden zult u zeggen, maar dan onderschat u de kracht van woorden. Neem het woord werkgever, dat is nodig toe aan vervanging.

Wat heeft een positievere klank, geven of nemen? Geven natuurlijk. Geven is altijd beter, geven is een gebaar van gulheid, van rijkdom, van macht, van de kaarten in handen hebben. En iemand die neemt, is een haantje de voorste, een profiteur, een sloeber die iets aanneemt. Ik overdrijf wat, maar het punt is duidelijk. Geven is beter dan nemen, en het aantal zelfstandigen kan toenemen wat het wil, maar zolang het woord werkgever de ronde doet, weet u hoe de kaarten geschud zijn. De werkgever is de gulle gever naar wiens pijpen we hebben te dansen. Een gegeven paard mag je immers niet in de bek kijken!

De arbeidsmarkt is volop in ontwikkeling. Waar vroeger de werkgevers alles voor het zeggen hadden, hebben we nu een systeem waarin de rechten van de werknemer beter geborgd zijn. Dat doet meer recht aan het feit dat werkgever en werknemer niet zonder elkaar kunnen. Ze zijn sterk van elkaar afhankelijk. Daar worden we ons steeds meer van bewust en het feit dat steeds meer mensen zelfstandige kunnen worden bevestigt dit.

Bij deze ontwikkeling zouden de woorden mee moeten ontwikkelen. Om te beginnen stel ik voor om het woordenpaar werkgever/werknemer tijdelijk te vervangen door arbeidnemer/arbeidgever. Zo komt de arbeidgever even in een positiever licht te staan. Later kunnen we dan kijken of er een neutraler woordenpaar te maken is dat recht doet aan de onderlinge afhankelijkheid van alle partijen. Oh en tot slot, cnv klinkt toch ook beter dan fnv? Maar daar hoeven we ons gelukkig niet druk over te maken.

Geschreven voor CNV Zelfstandigen