Categorieën
Columns

Consument

De filosofie van de consument heeft alles te maken met verantwoordelijkheid. Hoe werkt de consument? Bedrijven investeren miljarden in consumentenonderzoek, de wetenschappelijke literatuur staat bol van modellen en de consument…? Doet wat hij wil. Al het onderzoek ten spijt is het nog niet gelukt om een goed model te maken van de consument.

Er blijft een kloof bestaan tussen de intenties van de consument en zijn daadwerkelijke gedrag. Intenties zijn geen goede voorspellers van gedrag. De consument laat zich er niet door leiden, maar door andere zaken. Zaken als sociale normen, zelfvertrouwen en context. En dus probeert men de kloof te dichten door de modellen uit te breiden met dit soort factoren. Dit leidt weer tot nieuwe, dure onderzoeken en zo zal het doorgaan.

Wat zou het handig zijn als de consument een sterk karakter zou hebben. Dan zouden zijn intenties in bijna alle gevallen leiden tot het corresponderende gedrag. Dan hoefde u maar één keer een eerlijke en op inhoudelijke argumenten gerichte reclameboodschap te maken. Deze consument, wanneer hij eenmaal overtuigd is, laat zich toch niet afleiden door wat anderen doen, wat er in de aanbieding is en wat voor muziek er speelt tijdens het winkelen.

Met het juiste onderwijs is het vast mogelijk. Misschien kunt u een lobby starten vanuit het bedrijfsleven om de lespakketten op scholen uit te breiden. Misschien kunt u middelen vrij maken om speciaal getrainde onderwijzers aan te stellen. Het zou het bedrijfsleven miljarden kunnen besparen. En misschien moet u het ook wel doen omdat het past in een visie waarin bedrijven meer verantwoordelijkheden hebben dan aandeelhouderswaarde.

Categorieën
Columns

Bedrijfspsychopaat

De filosofie van de bedrijfspsychopaat. Ongeveer 1% van de mensen zou voldoen aan de criteria van psychopaat. Het is aannemelijk dat psychopaten ook in het bedrijfsleven vertegenwoordigd zijn. De bedrijfspsychopaat is geen crimineel, maar iemand die geen geweten heeft, niet in staat is tot liefde of empathie. U kunt zich voorstellen dat deze mensen grote schade kunnen aanrichten. Van het krenken van mensen tot het beschadigen van het bedrijfsimago.

De wetenschap zit de bedrijfspsychopaat op de hielen. De eerste onderzoeken naar de schadelijke effecten van bedrijfspsychopaten zijn reeds uitgevoerd. De psychologie onderzoekt de psychopaat al tijden en tests om ze te herkennen zijn uitvoerig getest en verbeterd.

Mocht u een bedrijfspsychopaat zijn dan wordt het tijd om u voor te bereiden. Wendt u zich eens tot Machiavelli, schrijver van het boek De Heerser. Machiavelli schreef De Heerser als geschenk aan de belangrijke familie Medici om zijn verbanning op te heffen. In dit werk doet Machiavelli uit de doeken hoe een heerser aan de macht kan blijven.

Wat het boek zo geruchtmakend heeft gemaakt was Machiavelli’s stelling dat het beter is om te schijnen dan te zijn. In die tijd was het onder meer belangrijk om godvruchtig te zijn. Een heerser diende dan ook de naam te hebben van een religieus man. Op die manier kon hij zich verzekeren van de steun van zijn onderdanen. Niemand kon zonder steun van anderen heerser blijven.

In de huidige tijd doet religiositeit niet meer ter zake, maar integriteit, loyaliteit en verantwoordelijkheidsgevoel steeds meer. Wat niet is veranderd is het feit dat ook u niet zonder de steun van anderen op uw positie kunt blijven. Logischerwijs kunt u er niet aan ontsnappen: dat wordt een cursus sociale vaardigheden.

Past u wel op dat u niet te goed wordt in het schijnen? Straks wordt u nog een goed mens.

Categorieën
Columns

Liefde

De filosofie van de liefde op de werkvloer. Liefde op de werkvloer kan beperkt worden door bedrijfsbeleid. De vraag die zich opdringt, is of een bedrijf grenzen mag stellen aan het liefdesleven van haar medewerkers. Er is in ieder geval een trend gaande waarin steeds meer menselijke aspecten hun weg vinden naar de werkvloer.

Bedrijven kunnen op verschillende gronden grenzen stellen aan het leven op de werkvloer. Dit kan op grond van morele, economische en juridische overtuigingen. Welke grond een bedrijf ook kiest, de kans is groot dat er debat ontstaat.

Als uit cijfers blijkt dat op het werk ontstane relaties minder vaak stuklopen dan andere, hoe sterk is dan een bedrijfsbeleid dat relaties verbiedt juist om stabiele relaties elders te bevorderen? Hoe overtuigend is een verbiedend bedrijfsbeleid als uit psychologische studies blijkt dat een verliefd paar medewerkers productiever is? En de juridische bescherming van medewerkers zal eveneens haar tegenargumenten kennen. De laatste wordt tegenwoordig nog wel eens opgelost door het liefdescontract. Arbeidscontracten waarin medewerkers aangeven een eventuele relatie bewust en uit vrije wil te zijn aangegaan.

Als u zich wilt mengen in dat soort debatten, ga uw gang. Misschien komt u nog eens op televisie, in een programma als Rondom 10, of zoals vroeger in Het Lagerhuis. Gegarandeerd dat er iemand is die harder schreeuwt dan u of simpelweg niet gevoelig is voor uw argumenten. Een heilloze missie.

Welke gronden ook worden aangedragen voor een beperking van liefde op de werkvloer, altijd wordt de medewerker als mens, en wat is nu menselijker dan de liefde, ondergeschikt gemaakt aan een hoger doel. Dit dwingt de mens om iets van zichzelf te negeren, of in ieder geval tijdens kantooruren.

Dat gebeurt vaker. Een duidelijk voorbeeld zijn de mensen aan de lopende band in de fabrieken van Ford aan het begin van de vorige eeuw. Hun persoonlijke behoeften werden volledig ondergeschikt gemaakt aan een het hogere doel dat Ford voor ogen had. Dat doel ontstond volledig vanuit een perspectief van efficiëntie. Dit leidde tot allerlei klachten die tegenwoordig bore-out genoemd zouden worden.

Tegenwoordig zijn er vakbonden, ondernemingsraden en vertrouwenspersonen om er voor te zorgen dat de mens beter in beeld is. De ontwikkeling van deze instituten is onderdeel van een grotere trend. Een trend die het onmogelijk maakt voor bedrijven om medwerkers, of eigenlijk alle stakeholders, nog slechts vanuit één perspectief te bekijken.

Overheden en andere regelgevers, maar ook bedrijven zelf, stellen regels en richtlijnen op die ervoor zorgen dat medewerkers, en andere stakeholders, niet gebukt gaan onder de hegemonie van een alles bepalend perspectief. Maatschappelijk verantwoord ondernemen is een voorbeeld van deze trend. Het zorgt ervoor dat bedrijven vanuit steeds meer perspectieven naar zichzelf gaan kijken.

Eén van de meeste recente perspectieven die het bedrijfsleven binnendringt is dat van zingeving. Werk zou voor mensen niet alleen een bron van sociale contacten en inkomsten moeten zijn, maar ook een bron van zingeving.

U kunt natuurlijk de boot afhouden en alles zoveel mogelijk bij het oude laten. U kunt ook vooruitstrevend te werk gaan en voorop lopen in de trend van perspectieven binnenlaten. Daar wordt uw organisatie menselijker van. Het menselijke is immers niet te vangen in één perspectief.

De vraag of bedrijven grenzen mogen stellen aan het liefdesleven van hun medewerkers wordt zo naar een hoger niveau getild. Want om te weten welke perspectieven u binnenlaat, moet u weten wat menselijk is. Wat betekent het om mens te zijn? Betekent dat zoveel mogelijk winst maken? Betekent dat zoveel mogelijk omzet draaien? Betekent dat zoveel mogelijk aandeelhouderswaarde creëren? Betekent dat een zinvolle bijdrage aan de samenleving leveren? Misschien een goed idee om dat eens te horen van uw medewerkers. Of houdt u niet van ze?

Categorieën
Columns

Supply Chain Manager

De filosofie van de supply chain manager is één van vriendschap. Vriendschap in het bedrijfsleven?! Sinds de Verlichting, met denkers als Adam Smith en David Hume, is het zakelijke streng gescheiden van het persoonlijke. U kent de uitdrukking privé en zaken gescheiden houden. Vriendschappen horen niet thuis in het bedrijfsleven. Toch heeft het zin om relaties in de supply chain te beschouwen als vriendschappen.

Artistoteles onderscheidt drie soorten vriendschappen. De vriendschap van het plezier, de vriendschap van het nut en de vriendschap van het goede. Een vrienschap van het nut bestaat zolang vrienden er een voordeel uithalen. Dit is te vergelijken met een zakelijke transactie at arm’s length. U slaat bijvoorbeeld in bij een leverancier en beide partijen weten dat de volgende inkoop ergens anders kan zijn.

Een vriendschap van het goede is ook gericht op het behalen van een voordeel. Dat voordeel is alleen niet meer het voordeel van één van de vrienden, maar een gezamenlijk voordeel. Om dat doel te bereiken is het nodig dat de vrienden elkaar goed kennen en van elkaar weten wat hun doelen zijn. Dit vergt een grote investering in tijd en middelen. Iets dat bij supply chain management nog wel eens vergeten wordt. Men wil wel de voordelen, maar vergeet wat daar voor nodig is. Een “vriend” zou zich gebruikt voelen.

Supply chain management is als het managen van een vriendschap van het goede! Belangen op één lijn krijgen vergt kennis van alle partners in de keten. Het gezamenlijk werken aan het bull whip effect is hier een voorbeeld van. De investeringen in tijd en middelen zorgen er voor dat de relaties niet zo vluchtig zijn als bij een transactie at arm’s length.

Wat heeft u hier nu aan? Supply chains beschouwen als vriendschappen geeft u de mogelijkheid om ze op een andere manier te beoordelen. Neem het voorbeeld van Wal-Mart. Dit enorme bedrijf dicteerde aan haar leveranciers dat ze alle producten moesten voorzien van tag chips. Vanuit het klassieke zakelijke perspectief is deze vorm van supply chain management moeilijk te veroordelen. Wal-Mart is zo groot dat deze opgelegde investeringen voor de leveranciers nog altijd minder zullen zijn dan de opbrengsten die zij kunnen verwachten van een klant als Wal-Mart. Puur zakelijk gezien zijn de te verwachten voordelen van het dictaat voor iedereen groot.

Vanuit het Arostotelische perspectief van vriendschap is Wal-Mart wel te veroordelen. De dictatoriale eis ontnam de leveranciers hun autonomie. Wal-Mart zag de leveranciers als een verlengstuk van zichzelf en legde hun doelen op die volledig van Wal-Mart waren. Hier was geen sprake van een gezamenlijk doel. De relaties in de supply chain verslechterden wat de toekomst voor alle partners in gevaar bracht. Van vrienden verwachten we ook niet dat ze ons gebruiken voor hun eigen doelen.

Categorieën
Columns

Markt

De filosofie van de markt begint met de vraag wat de markt is? De markt is, zoals u weet, de plek waar vraag en aanbod elkaar ontmoeten. De betekenis van het woord is ooit zo afgesproken en wordt stilzwijgend voortgezet. U zou vanaf morgen een ander definitie kunnen gaan gebruiken, maar het is de vraag of u iedereen meekrijgt. Uw aanbod van een nieuwe definitie zal de vraag waarschijnlijk ver overtreffen.

Wanneer de vraag wel groter is dan het aanbod stijgen, zoals u weet, de prijzen. Ook dat is ooit zo afgesproken en wordt stilzwijgend voortgezet. Dat de prijzen stijgen bij een grotere vraag is geen noodzakelijkheid, dat is niet zo noodzakelijk als het vallen van een appel. U zou vanaf morgen een andere wetmatigheid kunnen gaan gebruiken. De wet bijvoorbeeld dat de vragers beleefder gaan doen wanneer de vraag groter is dan het aanbod. De markt, of een onzichtbare hand, zal niet bij u aanbellen om u op andere gedachten te brengen.

Het is natuurlijk de vraag of u iedereen zover krijgt om ook de nieuwe wet te hanteren. De oude wet van de werking van de markt is zo vanzelfsprekend voor iedereen dat een verandering niet van vandaag of morgen zal gebeuren. Die vanzelfsprekendheid zorgt er voor dat mensen de wereld bekijken door een bril. Ze verwachten niet anders te zien dan dat de prijs beweegt naar gelang de vraag daalt of stijgt. En ze verwachten ook niet anders behandeld te worden wanneer ze zich zelf op de markt begeven. De werkelijkheid wordt geconstrueerd aan de hand van wat men al gelooft. De sociale constructie van de werkelijkheid! Berger en Luckmann hebben daar ooit een boek over geschreven, mocht u meer willen weten.

U bevindt zich ongetwijfeld ook op een markt. U huurt misschien een huis tegen een bepaalde prijs, of heeft er ooit een gekocht voor een bepaalde prijs en de kans is groot dat u zich op de arbeidsmarkt begeeft. In het laatste geval is de kans groot dat u geen directeur bent en dat uw salaris is vastgesteld op basis van vraag en aanbod. Marx zou u uitlachen omdat u gelooft in de sprookjes die de bezitters van het kapitaal u op de mouw hebben gespeld.

Categorieën
Columns

Ondergeschikte

De filosofie van de ondergeschikte staat bol van de spanning. Ondergeschikt zijn betekent dat de meerdere het laatste woord heeft en dat terwijl in het Westen iedereen gelijk is. Twee stellingen die, wanneer u ze los beschouwd, niet met elkaar te verenigen zijn. Daar zit een spanning tussen.

De mens heeft een ingebouwde motivatie om dit soort spanningen op te lossen. De psychologie heeft dit fenomeen cognitieve dissonantie genoemd. Niet verwonderlijk dat de mens een gave heeft ontwikkeld om ogenschijnlijke tegenstrijdigheden te verzachten.

Deze motivatie om spanningen op te lossen is volgens de filosoof Hegel (1770-1831) de drijvende kracht achter de geschiedenis. Alles is het resultaat van die spanning die opgelost wordt. De filosofie heeft dit fenomeen het systeem van these, antithese en synthese genoemd. Elke stelling leidt tot een tegenovergestelde stelling die niet samen waar kunnen zijn. Dan komt de synthese, een herschikking die de ongerijmdheid oplost. En dan begint het opnieuw.

De ondergeschikte en het gelijkheidsbeginsel staan op gespannen voet met elkaar. Dit wordt opgelost door er een verhaal omheen te maken. Dat verhaal kan allerlei vormen aannemen. Van een terloops gemaakte opmerking als ‘verschil moet er zijn’ tot een in het parlement vurig bepleitte meritocratie. Het is de vraag hoe lang die verhalen nog standhouden. Misschien handig om te weten bij de volgende onderhandelingen over het salaris.

Categorieën
Columns

Manager

De filosofie van de manager, bestaat het? Daar waar de filosofie alle tijd neemt voor steeds diepere analyses heeft de manager te maken met drukkende deadlines. Toch is er één opvallende overeenkomst. Beide streven naar steeds betere analyses. Ook het onderwerp van analyse vertoont gelijkenissen. De filosofie wordt vaak verweten te zweverig, te abstract te zijn, maar hoe concreet zijn de onderwerpen van de manager nog? Wat is de organisatie, de markt, de stakeholders en de manager? Deze begrippen zijn na duizenden wetenschappelijke studies verre van eenduidig meer.

Zowel de filosoof als de manager heeft te maken met een wereld die niet eenduidig is. En dat is lastig analyseren. Vergelijk het met lopen in een bewegend doolhof. Wat net een route leek, is plots een cul de sac. Wat net een muur was, is plots een opening. De manager loopt er om de uitgang te vinden, maar een strategie maken is verre van eenvoudig. De filosoof zit er te denken over wat een uitgang is en of het überhaupt mogelijk is een strategie te vinden.

De filosoof analyseert de begrippen die de manager gebruikt, maar die begrippen zijn zo beweeglijk als het doolhof zelf. Ontwikkelingen in management studies volgen elkaar in hoog tempo op. Het ene begrip is nog niet ingeburgerd of een nieuw inzicht schijnt al aan de horizon. De manager wordt zo vanzelf een filosoof. Na zoveel verschillende begrippen en manieren om de wereld te bekijken moet hij wel filosoof zijn geworden. Tenminste, als hij durft.

Filosoof zijn betekent namelijk alles bevragen en daar is moed voor nodig. Als de hele wereld streeft naar winst, op korte termijn, en bereid is risico’s te nemen die ze zelf niet meer kan inschatten, moet de filosoof-manager de moed hebben te vragen “waarvoor”? En zo valt er nog veel meer te bevragen, nog persoonlijkere dingen. Dit gaat door totdat de grote Waaromvraag zich aandient. Manager van je eigen leven zijn, dat is het lastigst. De rest is kinderspel.