Categorieën
Columns

Ondergeschikte

De filosofie van de ondergeschikte staat bol van de spanning. Ondergeschikt zijn betekent dat de meerdere het laatste woord heeft en dat terwijl in het Westen iedereen gelijk is. Twee stellingen die, wanneer u ze los beschouwd, niet met elkaar te verenigen zijn. Daar zit een spanning tussen.

De mens heeft een ingebouwde motivatie om dit soort spanningen op te lossen. De psychologie heeft dit fenomeen cognitieve dissonantie genoemd. Niet verwonderlijk dat de mens een gave heeft ontwikkeld om ogenschijnlijke tegenstrijdigheden te verzachten.

Deze motivatie om spanningen op te lossen is volgens de filosoof Hegel (1770-1831) de drijvende kracht achter de geschiedenis. Alles is het resultaat van die spanning die opgelost wordt. De filosofie heeft dit fenomeen het systeem van these, antithese en synthese genoemd. Elke stelling leidt tot een tegenovergestelde stelling die niet samen waar kunnen zijn. Dan komt de synthese, een herschikking die de ongerijmdheid oplost. En dan begint het opnieuw.

De ondergeschikte en het gelijkheidsbeginsel staan op gespannen voet met elkaar. Dit wordt opgelost door er een verhaal omheen te maken. Dat verhaal kan allerlei vormen aannemen. Van een terloops gemaakte opmerking als ‘verschil moet er zijn’ tot een in het parlement vurig bepleitte meritocratie. Het is de vraag hoe lang die verhalen nog standhouden. Misschien handig om te weten bij de volgende onderhandelingen over het salaris.